Stilteonderzoek

Portfolio

Dit begon als een portfolio vakbekwaam. Het bewijs dat ik nodig had voor mijn opleiding. Ergens onderweg werd het meer dan dat. Een plek waar ik kan laten zien waar mijn werk vandaan komt, niet alleen wat het oplevert.

Hier vind je het onderzoek dat ik deed naar stilte in de montessoriklas, het fundament waarop ik werk. mijn visie, mijn bekwaamheden, wie ik onderweg ben geworden — en de woorden die ik erover blijf schrijven.

Geen gepolijst portfolio vol succesverhalen. Wel een eerlijk beeld van hoe ik denk, twijfel en groei binnen dit vak.

Stilteonderzoek

Stilte in het montessorionderwijs


De vraag

Hoe kan ik door het ontwikkelen van stilteboekjes montessorileerkrachten ondersteunen om kinderen toegang te geven tot contemplatie en innerlijke rust in een lawaaierige wereld?


Hoe het begon

In de zomer van 2025 kreeg ik het boekje I want to hear the quiet van Alisons Montessori onder ogen. Daarin gaat een kind op zoek naar de stilte tussen alle geluiden in huis. Ik wilde iets soortgelijks maken, maar dan dichter bij de belevingswereld van kinderen hier — en zo ontstonden de seizoensgebonden stilteboekjes.

Ik wist wel dát er stiltelessen bestonden in het montessorionderwijs. Het waartoe en het waarom raakten mij pas tijdens dit onderzoek.

In de authentieke literatuur las ik hoe de stilteoefening bij Montessori eigenlijk per ongeluk ontstond. Doordat niemand bewoog, ontstond de behoefte om naar die stilte te luisteren en haar op te roepen. Een verlangen dat geen uitweg zocht in een impulsieve daad naar buiten.

Op een studiedag in Zoetermeer viel het kwartje. Die dag ging over straffen en belonen, en waarom dat niet past binnen de montessoripedagogiek. Toen ik de theorie van het vrijheidsonderwijs uitgelegd kreeg — kinderen willen van nature werken, en door hen keuzevrijheid binnen kaders te geven ontstaat innerlijke rust en normalisatie — kon ik de verbanden leggen.

Stilte is geen correctiemiddel. Stilte is een cadeautje dat je aan kinderen kunt aanbieden.

Daarna luisterde ik podcasts over Stilte in de klas van Pieter Verstraete, en schreef ik mijn eerste blog over stilteonderwijs.

Ergens zijn we de kern van het stilteonderwijs kwijtgeraakt. Dat is wat ik wilde onderzoeken.


Wat de theorie zegt

Er zijn twee soorten stilte. Montessori onderscheidt de innerlijke stilte, en de stilte die ontstaat wanneer we al onze bewegingen inhouden. In die tweede vorm horen we plotseling allerlei kleine geluiden die normaal overstemd worden door het lawaai dat we zelf maken.

Stilte is niet af te dwingen. Montessori verzette zich tegen het geloof dat stilte op bevel te verkrijgen is. Stilte is het opheffen van alle beweging — niet, zoals scholen vaak meenden, het stoppen van rumoer. Zelf ontdekte ze dat het beter werkte om te vrágen of de kinderen stilte wilden maken. Wat daaruit voortkwam noemde zij een gehoorzaamheid die wortelt in geestdrift, niet in het gebod.

We zijn gevoeliger geworden voor het gebrek aan stilte. Verstraete verzet zich tegen het idee dat vroeger alles stiller en beter was; stilte was altijd al een zorg. Wel draait de samenleving sneller en wordt het onderwijs voller. Hij wijst op de stiltehuisjes waarin we kinderen zetten om tot rust te komen, om ze daarna weer in de drukke klas terug te plaatsen. Of het kwartiertje mindfulness als de groep onrustig is. Zijn vraag: is het niet beter om de omgeving aan te passen dan het kind eruit te halen? Anders bestrijden we alleen symptomen.

Ik denk dat wij als onderwijsprofessionals op beide invloed hebben. Op de pedagogiek en de didactiek. Op de voorbereide omgeving, en op de betekenis die we aan stilte geven.

Mindfulness en montessori komen op veel punten samen. Angeline Stoll Lillard onderzocht de overeenkomsten en verschillen. Beide zien diepe concentratie als doel op zich, beide zijn verankerd in zintuiglijke ervaring, beide werken zonder oordeel, en beide leren via verhalen en verbondenheid.

De verschillen zitten in de weg ernaartoe. Mindfulness werkt via formele meditatie: stilzitten, aandacht naar binnen richten. In het montessorionderwijs worden kinderen mindful door te dóen — via beweging, materialen en praktisch werk. Van bovenaf tegenover van binnenuit.

De stilteoefening is het punt waar Montessori het dichtst bij mindfulness komt.

Normalisatie is zichtbaar gedrag van goed ontwikkelde executieve functies. Montessori merkte al vroeg op dat kinderen zorgvuldiger werden in al hun handelingen zodra stiltelessen werden ingevoerd — en zelfs vriendelijker. Dat laatste is geen bijverschijnsel: het is het resultaat van betere emotieregulatie, een directe uitkomst van sterkere inhibitoire controle. Hoe meer ervaring kinderen hadden in een montessoriomgeving, hoe groter hun vooruitgang op de executieve functies.

De rol van de leerkracht is nabijheid zonder woorden. Vertel niet hoe het moet — laat het zien. Vertel je het, dan kijken kinderen naar je mond. Laat je het zien, dan willen ze het zelf doen. De leerkracht biedt aan en maakt ruimte; de stilte zelf ontstaat vanuit het kind.


Wat ik heb gedaan

Om te onderzoeken of de boekjes leerkrachten daadwerkelijk ondersteunen, stelde ik eerst succescriteria op. De boekjes moesten handzaam zijn, met korte, betekenisvolle zinnen en afbeeldingen die kinderen herkennen. Leerkrachten zouden ze per seizoen aanbieden en de link naar het kosmisch thema leggen. Ze zouden dienen als start van een stilteles, en daarna een plek krijgen in de voorbereide omgeving. En de lege boekjes zouden een verwerking bieden tijdens de vrije werkperiode.

Vervolgens vroeg ik leerkrachten die de boekjes hadden aangeschaft naar hun ervaringen — per mail en in gesprek. Hoe gebruik je ze? Wat merk je bij de kinderen? Welke verandering zie je in de groep? Wat maakt dit materiaal anders dan andere stiltelessen?

Om het onderzoek breder te trekken dan de boekjes alleen, stelde ik ook vragen over stilteonderwijs in het algemeen. Geef je wel eens stiltelessen, en hoe zien die eruit? Gebruik je voorwerpen? Hoe geef je stilte een plek in je groep? Is er schoolbreed een visie op stilteonderwijs?

En ik zette de boekjes zelf in, bij verschillende groepen volwassenen.


Wat ik zag

Een onderbouwleerkracht las het boekje winter voor als opmaat naar een stilteles. Bij het plaatje van voetstappen in de sneeuw maakten ze samen echt stilte. Daarna legde ze het boekje in de stiltehoek en observeerde ze wat de kinderen ermee deden. Bij een enkeling ontstond een gesprek: welke stilte voel je dan? Hoe maak je stilte? De kinderen bleken met de plaatjes in gedachten verder te gaan en zelf stilte te maken.

Een vrouw van zeventig mailde dat ze de stiltekaartjes niet voor kinderen gebruikte. Ze zit in een studiegroep voor ouderen en zou een presentatie over Montessori geven. Wat haar jaren geleden als moeder vooral als onderwijssysteem had geraakt, raakte haar nu als filosofie — juist doordat ze ouder was, begreep ze het beter. Na haar presentatie ontstond er een moment van stilte, uit vrije keuze van de deelnemers. Ze mochten zelf kiezen of ze meededen. Uiteindelijk deed iedereen mee.

Een bovenbouwleerkracht vond de boekjes qua vormgeving en taal te veel op de onderbouw gericht. De afbeeldingen tonen vooral jonge kinderen, de zinnen zijn kort. Dat zette me aan het denken en werd de aanleiding om korte stilteverhalen voor de bovenbouw te schrijven. Twee daarvan deelde ik met haar en die gebruikte ze in een stilteles.

Ze was begonnen met stiltelessen vanuit een eigen behoefte om de prestatiedruk te verlichten. Enkele leerlingen reageerden aanvankelijk giechelend. Door hardop te erkennen dat stilte ook voor volwassenen moeilijk is, sloeg de weerstand om in serieuze deelname. Leerlingen die vooraf als onrustig werden ingeschat, deden inhoudelijk mee. Haar conclusie: stiltelessen in de bovenbouw dragen bij aan groepsgevoel, zelfregulatie en concentratie — en haar eigen rol verschoof van sturend naar begeleidend.

Uit de bredere vragen kwam iets anders naar boven. Op de school van een van de respondenten was geen visie of beleid te vinden op hoe stilteonderwijs is ingebed. De theorie over wat een stilteles ís en waar die aan raakt, bleek niet algemeen bekend.

Zelf las ik het boekje voor het eerst voor tijdens die studiedag in Zoetermeer. Ik merkte dat mensen echt met aandacht luisterden. Mijn stem werd zachter, ik nam de tijd voor elke zin. Pas later begreep ik dat het moment ná het voorlezen je eigenlijke stilteles is. De tweede keer liet ik het na de laatste bladzijde stil zijn — net zo lang tot iemand begon te praten.

De plaatjes liet ik tijdens die lessen niet zien. Ik zie hun meerwaarde vooral in herhaling over een langere periode: als structuur en herkenning.


Wat ik eruit concludeer

Over de boekjes: de stilteboekjes ondersteunen leerkrachten als laagdrempelige introductie van een stilteles, als individuele verwerking na afloop, en als toegankelijk aanbod in de voorbereide omgeving.

Ze werken vooral als visuele ondersteuning — met name bij kinderen die moeite hebben met abstract denken. Het plaatje van voetstappen in de sneeuw maakte concreet wat “stilte voelen” betekent. Dat sluit aan bij het principe van concreet naar abstract.

Voor oudere kinderen is een andere aanpak nodig: meer tekst, minder illustraties, meer reflectieve vragen.

Over stilte bij volwassenen: stilte is voor niemand vanzelfsprekend. Volwassenen kunnen zich net zo ongemakkelijk voelen als kinderen. Door dat te benoemen, te oefenen en er geen oordeel over te hebben, ontstaat verbondenheid in plaats van weerstand.

En de belangrijkste conclusie: stilteonderwijs omvat zoveel meer dan de stilteles alleen. Daar wil ik verder onderzoek naar doen.


Wat het mij leerde

Stilte spreekt niet vanzelf — ook niet voor leerkrachten. Het vraagt moed om stilte een plek te geven in een drukke schooldag. En vertrouwen dat kinderen dit aankunnen en nodig hebben.

Wat ik zie bij leerkrachten die ermee beginnen: stilte wordt een routine. En daarmee verschuift er iets wezenlijks. Van stilte om het stil zijn, als correctiemiddel, naar stilte die we samen maken.

Stilte is niet het eindpunt. Het is het beginpunt: vanuit innerlijke rust de wereld ontmoeten, met verwondering en met empathie.


Verder lezen

Het volledige onderzoek is hier te downloaden, inclusief bronvermelding.

[knop: Download het onderzoek — PDF]

← Terug naar de homepage